Caiphas

Ook Caiphas heeft voor Christus gestaan en Hem niet als Messias willen aanvaarden.
Uit uw Bijbelse geschiedenis weet u, hoe deze hogepriester gehandeld heeft.
Het is door hem en door de anderen, die aan het hoofd van het Joodse volk stonden, dat Christus aan het kruis genageld werd.
Als voor Caiphas de wetten van leven en dood intreden, gaat ook hij de wereld van het onbewuste binnen, om daarna opnieuw naar de Aarde te gaan.
Welke gevoelens leven er dan in deze mens?
Ze openbaren zich weldra.
Er leven wroeging in hem, twijfel en haat ten opzichte van het gebeuren op Golgotha.
Natuurlijk begrijpt hij deze gevoelens in hem niet.
Wat heeft hij met Golgotha te maken?
Hij is in het Westen geboren en bij het joodse ras (zie rulof.nl/er-bestaan-geen-rassen).
Ook nu wordt hij priester.
In zijn zieleleven is niets veranderd, zijn innerlijk drijft hem dus weer tot de priesterstudie.
Hij begrijpt niets van zichzelf, Caiphas, er is een voortdurende onrust in hem, hij voelt zich niet op zijn plaats en eindelijk ontvlucht hij zijn omgeving, waar hij dreigt te stikken, en begeeft zich naar Jeruzalem, welke plaats een vreemde, maar onweerstaanbare aantrekkingskracht op hem uitoefent.
Ook hij beklimt daar telkens en telkens de Calvarieberg om er te mediteren.
Hij zoekt er wat.
Maar wát zoekt hij er?
Het wordt hem niet duidelijk.
En ook hij zwerft door de straten van Jeruzalem, maar hij is anders dan Judas, want hij zondert zich voor het leven van God af.
In hem overheerst de haat voor al het leven van God, dat hem op zijn weg komt.
Hij voelt zich als een uitgehongerde wolf, verteerd als hij wordt door een kracht, die uit zijn onderbewustzijn omhoog komt en zijn leven op Aarde tot een hel maakt.
Hij durft geen vragen te stellen, hij is angstig voor zichzelf en voor de gedachten en beelden, die steeds duidelijker in hem opkomen en betrekking hebben op de gebeurtenissen, die eens hier in Jeruzalem hebben plaatsgehad en waarmee hij zich verbonden weet.
Zo dwaalt hij dat hele leven rond en kastijdt hij zichzelf om die vervloekte gevoelens in zijn binnenste kapot te slaan.
Dan komt zijn einde en treedt hij opnieuw de wereld van het onbewuste binnen.
Hierna wordt hij in het Oosten geboren.
Nu volgt hij geen studie.
Wel gaat hij opnieuw naar het verleden en hij zoekt naar alles, wat de schrift vertelt over de gebeurtenissen op Golgotha.
Er gaat iets in hem ontwaken.
Zijn hele leven brengt hij zoekend en denkend door.
Dan maakt hij er zelf gewelddadig een eind aan.
Het volgende leven voert hem opnieuw naar Jeruzalem.
Hij beklimt de Calvarieberg en beleeft daar weer zijn zoeken en vragen, maar nog altijd is hij een levend-dode.
In hem is er geen gevoel, het is leeg in zijn binnenste en toch brandt het in zijn zieleleven.
Weer ontvangt Caiphas nieuwe levens.
Moeder Aarde geeft dit zieleleven geen rust, zij heeft nog een vreselijke rekening met hem te vereffenen.
Hij klimt op tot de hoogste positie, maar toch beleeft hij niets.
Niets maakt hij zich eigen, doordat hij het leven op Aarde niet kan aanvaarden, want zijn innerlijk leven blijft overheersen.
De meesters aan onze zijde volgen dit leven, zij weten waar heen het zal gaan.
Hij heeft aan Christus goed te maken, Caiphas, en met hem het Jodendom (zie rulof.nl/Joodse-volk).
In zijn leven zijn die wetten nu reeds tot uitdrukking gekomen, want het werken van Moeder Aarde is op de evolutie gericht, al haar kinderen moeten naar de hogere bewustwording toe.
En hier is Caiphas voor nodig!
De meesters volgen Caiphas.
Ze zien, hoe hij in het ene leven rabbi is en in het volgende koopman.
Zo beleeft hij telkens de eigenschappen van het Joodse volk.
Zijn ziel lijdt ontzettend, want nergens vindt hij rust.
Indien het maar enigszins mogelijk is, ontvlucht hij zijn volk en zijn omgeving en keert hij terug naar Jeruzalem.
Die stad trekt hem aan; ze heeft ook op hem een magische invloed.
Hij kan geen weerstand bieden aan deze ongekende krachten.
Hij denkt voortdurend, zó dat zijn verleden op het laatst in zijn dagbewustzijn spookt.
Hij lijkt doodgedrukt te worden door deze gevoelens, maar moet toch leven, verdergaan, want Moeder Aarde laat zijn zieleleven niet los.
Soms zoekt hij heel ernstig in zichzelf, hij wil in die ogenblikken z’n innerlijk leren kennen en dan ziet hij Christus voor zich staan – maar diep gaat hij daar niet op in, haastig verwerpt hij alles!
Het is een chaos in Caiphas’ leven, er brandt wroeging in hem en het vuur ervan verteert zijn innerlijk.
Hij hoort een stem in hem, die telkens zegt:
„Christus was de Messias!
Christus was de Messias!”
Zelfs in de slaap hoort hij de stem en hij kan zijn oren er niet voor dichtstoppen, de woorden zuigen zich in hem vast.
Caiphas beleeft de volken van Europa.
Europa houdt hem gevangen.
Hij beleeft armoe en rijkdom, hartstocht en wroeging en hij ontkomt niet aan deze moordende gevoelens.
Onbewust blijft hij niettemin, hij voelt alleen de ellende.
Caiphas kan in zijn eigen leven niet bewust worden.
Eén gebeuren overheerst zijn leven en hij kan zich daarvan niet bevrijden.
Steeds harder hoort hij in zijn ziel het: „Christus was de Messias!” roepen.
Hij vervloekt de woorden, maar kan er zich niet van bevrijden.
En weer maakt hij een eind aan zijn aardse leven.
Na het verrottingsproces te hebben beleefd, keert hij opnieuw naar de Aarde terug.
In dit leven beleeft hij grote welstand.
Eén ding is er echter, dat hij met al zijn geld niet kan kopen: rust!
Hij daalt weer in zichzelf af en ondergaat de smart en de wroeging die daar branden, meer dan ooit te voren.
Hij beleeft hoe zijn eigen ras (zie rulof.nl/er-bestaan-geen-rassen) zich ten koste van het andere leven verrijkt, zich verrijkt door het bloed en de ijver van die miljoenen andere mensen van de Aarde en hij vervloekt het Joodse volk.
Als hij scherp op hun gesjacher, hun liegen en bedriegen ingaat, doet hij een merkwaardige ondervinding op.
Door zich fel tegen hun gewoeker en gesjacher en bedrog te keren en de verrotting van hun levenspeil te hekelen, minderen zijn eigen pijnen en verdwijnt zijn wroeging goeddeels.
Caiphas gaat hier op in en tracht deze gevoelens te ontleden, maar het is hem niet mogelijk tot zijn onderbewustzijn door te dringen.
Hij komt er echter niet over uitgedacht, hoe het toch wel mogelijk is, dat hij door op de fouten van zijn joodse medeburgers in te gaan, zijn vreselijke wroeging in zich voelt wegzakken.
Zo verstrijkt dit leven, scherper en scherper gaat hij op het joodse ras (zie rulof.nl/er-bestaan-geen-rassen) in en leert de fouten ervan kennen.
Dan komt opnieuw zijn einde op Aarde.
De eeuwen vliegen voorbij.
De mensheid evolueert stoffelijk en geestelijk, maar daarvan beleeft Caiphas niets.
Hij wacht in de wereld van het onbewuste op de nieuwe geboorte.
Het leven op Aarde staat voor een kolossale ontwikkeling, het staat voor het „Koninkrijk Gods”, dat in de Eeuw van Christus een aanvang zal nemen.
Dan zullen de wetten van God Caiphas terugroepen.
Op tijd zal Moeder Aarde dit zieleleven aantrekken, geen seconde te laat of te vroeg.
In de ruimte leven biljoenen zielen, maar in die tijd zal Moeder Aarde alleen dit zieleleven nodig hebben.
Zij zal het nodig hebben voor de vestiging van het Koninkrijk Gods en de Eeuw van Christus voor al de volken op Aarde.
De tijd is daar, dat Caiphas een nieuw lichaam ontvangt.
Hoe zal nu zijn leven zijn?
Wat zal dit zieleleven thans te beleven krijgen?
Gene Zijde ziet Caiphas bij eenvoudige mensen geboren worden.
Er is gevoel in hem en heel veel bewustzijn, als kind kan hij goed denken.
Hij keert naar de Aarde terug om een taak te vervullen.
Caiphas groeit op en maakt kennis met leed en gebrek.
Er is nu niets in hem, dat hem drijft priester te worden, de wetten van God bestemmen hem voor een heel andere taak.
Als gewoon soldaat maakt hij de oorlog mee, het is de oorlog van ’14 - ’18.
Weet u thans wie Caiphas is?
En kent u nú de taak en de wetten, die hem naar de Aarde terugriepen?
Adolf Hitler is Caiphas!
Het zijn de mensheid en de Goddelijke wetten, die hem naar de Aarde terugroepen.
Maar ook de „Tien Geboden” Gods en ook het volk van Israël, ook Jezus Christus!
Caiphas trekt ten strijde, hij raakt gewond en hoort tot zich spreken.
Hij wordt helderhorend in deze toestand, omdat hij voor negentig procent in onze wereld leeft, een taak voor Gene Zijde en de meesters heeft te volbrengen.
Zij kunnen hem hierdoor in hun bewust leven optrekken.
Als hij daar zo neerligt en denkt, dat hij sterven zal, hoort hij een bezielende stem in zich spreken, die hem nieuwe krachten geeft.
Caiphas begint te bouwen aan zijn partij, die later heel Duitsland zal regeren.
Zijn macht groeit en hij wordt de leider van het Duitse volk.
Hij voert Duitslands macht hoog op en vindt het dan de tijd tot stoutmoedige acties over te gaan, die de grenzen van het Rijk zullen vergroten.
Op een nacht, toen hij neerlag, zijn hoofd vol plannen, was ik bij hem.
Op dat ogenblik liet ik het instrument, door wie ik dit alles vastleg, met behulp van mijn meester uittreden.
Wij verbonden ons met Caiphas.
Deze werd eveneens opgetrokken en toen vertelde hij wat hij als Adolf Hitler van plan was te ondernemen.
„Beiden willen wij de mensheid iets brengen,” zo zei hij, „maar ieder doen we het op eigen manier.
Ik ben de „beul” van de mensheid en gij een apostel!”
Toen ons instrument weer in zijn lichaam terugkeerde, lieten wij hem deze gegevens vast leggen.
Ons instrument kon toen vertellen, dat Adolf Hitler zeer binnenkort het Saargebied zou doen binnenrukken.
Het was ons natuurlijk niet om de voorspelling te doen, ons ging het erom ons instrument van Caiphas en diens leven te overtuigen, zodat hij eens in staat zou zijn, hetgeen aan hem geschonken zou worden aan de mensheid door te geven.
Nog andere bewijzen werden ons instrument door de meesters geschonken, zodat hij al deze gegevens kon aanvaarden!
(Tussen haakjes in eerste druk: Al in het jaar 1935 liet meester Alcar het instrument waarnemen, hoe een vreselijke wereldoorlog de Aarde en haar kinderen zou teisteren, en in het jaar 1939 schonk hij hem drie boeken, waarin hij, slechts wat beknopter, al de problemen vastlegde, die ik nu voor u behandel.
Toen hij er kennis van genomen had, liet mijn meester het instrument de boeken verbranden, hij had met het vastleggen ervan bereikt, dat het instrument de ingewikkelde en kosmisch-diepe problemen beheerste, zodat hij gereed was voor mij, die hen in volle diepte moest behandelen.)
Spoedig worden de gegevens bewaarheid en rukken Caiphas’ troepen het Saargebied binnen.
Nu begint de geschiedenis, behalve voor het Duitse volk, ook voor Caiphas.
Als Caiphas bewust zal zijn, leven de wetten van Israël, van Golgotha, van het Koninkrijk Gods op Aarde en van de Eeuw van Christus in hem.
Hij zal dan moeten handelen niet alleen voor zijn eigen volk, maar voor de mensheid, voor al die wetten, machten en krachten, door welke hij wordt geleefd.
Machten, die hem onweerstaanbaar dwingen zó te leven en te handelen als zij voorschrijven.
Deze ontzettende wetten zullen als een verschrikking, als een afschuwelijke last op hem drukken.
En toch is er maar één mens, die dit alles kan verwerken en zal dragen, wat anderen niet voor mogelijk achten.
En deze mens is Caiphas!
Caiphas is weer op Aarde.
Hij heeft als het hoofd van het Joodse volk Christus verraden.
En dit Joodse volk moet tot Israël komen.
Wie zal God als instrument hiervoor moeten gebruiken?
Welk leven is ertoe geschikt?
Welke ziel is zo verwant met het joodse ras (zie rulof.nl/er-bestaan-geen-rassen en rulof.nl/Joodse-volk), dat zij deze ontzaglijke taak op zich kan nemen?
Kan God hiervoor het leven gebruiken, dat niets met dit alles heeft uit te staan?
Kan het ene leven het oorzaak en gevolg van het andere leven op de schouders nemen?
De levens van Judas en Pilatus, die ik hier verhaalde, tonen u duidelijk aan, dat het niet mogelijk is!
Om dit te bewijzen, legde ik u deze levens open.
Ik vraag u: Wie moet het Joodse volk de ogen openen en tot Israël brengen?
Kan God u of mij ervoor spannen?
Alle volken zullen in de door Caiphas ontketende wereldstrijd hun eigen oorzaak en gevolg beleven om daarna de Eeuw van Christus binnen te treden.
U als mens zult voor uw eigen karmische wetten staan.
En het joodse ras (zie rulof.nl/er-bestaan-geen-rassen) moet thans kleur bekennen en het hoofd buigen voor Christus!
Het is Caiphas alleen, die deze taak vervullen kan, hij bezit er de eigenschappen voor, hij is door zijn bloed en innerlijk leven aan dit ras (zie rulof.nl/er-bestaan-geen-rassen) gebonden.
En macht ertoe zal hij ontvangen.
Door hém zullen ook de wetten voltrokken worden, die nodig zijn om het kwaad in de wereld te doen oplossen en de mensheid naar het hogere bewustzijn te voeren.
De Bijbel spreekt in uw tijd, de profetieën worden beleefd, doch de Joden kijken naar de wolken en verwachten daar de Messias te zien verschijnen.
Maar Caiphas handelt!
Hij legt de zweep over de Joden in Europa.
Het joodse ras (zie rulof.nl/er-bestaan-geen-rassen) schijnt wel vervloekt te zijn.
Alles wordt het ontnomen, maar ook de kinderen van Israël zullen er niet aan ontkomen!
Hitler martelt de Joden, doch het is Caiphas, die hem inspireert.
Caiphas dwingt hem te luisteren.
Begrijpen de Joden hun eigen ras (zie rulof.nl/er-bestaan-geen-rassen)?
Zien zij hun fouten?
Zullen zij beseffen, wat deze Eeuw, deze strijd en verschrikking hun zeggen willen?
Caiphas is het, die de Joden wil wakker schudden, maar Adolf Hitler beleeft deze verlangens en voert ze uit.
Alléén Caiphas kan het Joodse volk helpen (zie rulof.nl/Caiphas, rulof.nl/Hitler en rulof.nl/Joodse-volk).
Zóvele mensen vertegenwoordigt hij, het onbewuste leven, de levend-doden, het joodse ras (zie rulof.nl/er-bestaan-geen-rassen) en het heidendom, het oorzaak en gevolg van de enkeling, de massa en van de gehele mensheid.
Hij legt de zweep over alles en allen, over de heidenen, de Joden en het kind van Israël.
Ik herhaal dit, omdat de christen en zijn kerk moeten beseffen, dat nog een grote stap hen scheidt van het bewuste geestelijke leven, zoals dat door Christus werd belichaamd.
U allen leeft thans in de Eeuw van Christus en u zult tot het hoofdbuigen moeten komen.
Dat is de zin van de strijd, die u thans beleeft.
Deze strijd was niet tegen te houden, hij móest komen.
Zoveel moest er nog door u in het reine gebracht en door u geleerd worden!
Caiphas stelt het Jodendom en de gehele mensheid voor Golgotha.
En Golgotha eist van iedere mens, dat hij goedmaakt wat verkeerd werd gedaan.
Groot zijn de verschrikkingen voor de Joden en voor u, maar hiervoor ontvangt de mensheid dan ook het „Koninkrijk Gods” op Aarde en aan Gene Zijde.
Caiphas is op de juiste plaats geboren.
Als Adolf Hitler maakt hij zich tot de beul van de mensheid.
Onnoemelijk veel speelt zich in deze mens af.
Door de verschrikkingen, die hij ontketent, trekt hij de demonen van de hel tot zich.
En beide persoonlijkheden, die van Caiphas en die van Hitler, lossen in die hel op.
Caiphas wil de Joden verjagen en hen zo leren, verdergaan wil hij niet, kan hij niet eens.
Maar hij heeft Hitlers hartstochten erdoor wakker gemaakt.
De tijd, waarin Caiphas leeft, de bal, die aan het rollen is gebracht, is door hem niet meer tegen te houden.
Caiphas tracht nu te redden wat er te redden is, doch hij kan Hitler niet meer tegenhouden.
Hitler voelt hartstocht en geweld in zich, hij wil de mensheid vernietigen.
De smaad, de smart, de strijd, de ellende, in vele levens opgedaan, breken zich baan en lossen zich op in haat en geweld.
Duizenden eigenschappen gisten in deze mens, hij trekt er het geweld van het oerwoud door aan.
Thans kan hij zich niet meer losmaken van de demonen van de hel, zij houden hem en zijn eigen soort, zijn vreselijke helpers, in hun macht en leven zich door hem en de zijnen uit.
De meesters hebben dit alles overzien, maar zij begrepen, dat die ellende niet te voorkomen was, de mensheid moet verder, God kan daarom niet ingrijpen, zodat alle gebeden onverhoord blijven.
Al deze ellende is door ons zelf geschapen.
Wij zijn het die in onze levens leed en smart over onze medemensen hebben gebracht en hun bestaan tot een hel maakten.
En thans staan wij voor het goedmaken ervan.
Toch bidt de massa nu dat God Hitler van de aardbodem wegneemt.
Maar deze zal en kan niet sterven, eerst moet hij zijn taak afmaken.
Moeder Aarde heeft veel schoons voor haar kinderen, maar eerst moeten deze in het reine brengen wat verkeerd werd gedaan.
Een onweersbui kan de massa niet doen veranderen, zij leert alleen door een oorlog.
Adolf Hitler brengt door zijn evolutie het geestelijk ontwaken, de ontwikkeling in de geest (zie rulof.nl/Hitler).
Zo u tot het Jodendom behoort, ik zeg u, ga thans tot Israël over, maak u los van leugen en bedrog en van gesjacher (zie rulof.nl/Joodse-volk).
Doe eerlijk werk!
Verwacht niet, dat Christus nog eens terugkeert.
Hij kwam als Messias tot u, aanvaard dus deze wetten.
Christus is voor al het leven van God gestorven.
Ook voor u!
Christus zette voor ons allen Zijn eigen leven in en dit wordt ook van u en van ons verwacht.
Als er ellende over u en de uwen gekomen is, weet dan dat u en zij het eigen oorzaak en gevolg hebben beleefd (zie rulof.nl/Joodse-volk en rulof.nl/Hitler).
U moet thans aanvaarden – halsstarrig weigeren dit te doen, voert u regelrecht naar de afgrond.
In de Eeuw van Christus, die begonnen is, is verwerpen niet meer mogelijk.
Wie Christus niet aanvaarden kan, is en blijft een onbewuste en zal het Koninkrijk Gods niet kunnen betreden.
Geloof mij toch, u sluit uzelf erdoor voor de eeuwigheid af, Moeder Aarde moet dan ook u gevangen houden.
Christus moet aanvaard worden, want de sferen van licht werden door Hem opgebouwd.
Hoe wilt u hier dan binnentreden zonder Hem te aanvaarden en lief te hebben?
Is het niet wonderbaarlijk, dat de geschiedenis Caiphas heeft teruggeroepen en met hem al de anderen, die op Golgotha geschiedenis maakten?
De rebellen, die het leven van Christus braken, kruisigden en versjacherden?
Waar leven zij, die dachten over de mensheid te kunnen regeren?
Zij leven in uw midden!
Welke volken zouden hen hebben kunnen aantrekken?
Zouden Frankrijk, Engeland, Amerika of Nederland dit gekund hebben?
Welke volken hebben zich afgestemd op de vernietiging van Gods leven en op de verdierlijking?
Dit moet u thans toch wel duidelijk zijn.
De zoon van Caiphas, die zich tussen de menigte bevond, toen Christus voor Pilatus was gebracht, Diens Heilig Lichaam was bezoedeld, stookte haar op om Christus te vernietigen.
„Kruisigt Hem, kruisigt Hem!” zo gilde hij toen hysterisch.
Ook deze mentaliteit leeft thans te midden van u.
Caiphas en zijn geliefde zoon hebben elkaar ook in dit leven gevonden, Moeder Aarde, de wetten van God, Christus, Jeruzalem en Golgotha brachten hen tezamen.
Wie is het?
Uw bokkepoot, uw duivelse propagandist, het dierlijke broedsel van het Duitse volk, Dr. Goebbels!
En met hem zijn al de anderen, ook hij die zijn lans ophief, Christus drenkte met azijn en hierdoor Zijn vervloeking moest aanvaarden.
Zijn huidige naam?
Himmler!
Al deze zielen kunt gij thans in het vreselijke Berlijn terugvinden, ze zijn in niets veranderd en ze vervullen hun taak.
God kan niet goedvinden, dat zijn Heilig Kind door deze demonen werd afgemaakt.
En zie, Moeder Aarde schenkt hun een nieuw lichaam en brengt hen naar de plaats, waar ze moeten zijn.
In andere landen hadden deze zielen niet geboren kunnen worden.
Nederland noch Engeland zou de Joden hebben vervolgd, al de volken van Israël hebben daartoe een te hoge mentaliteit.
Caiphas bevindt zich dus onder zijn eigen soort, het soort, dat ook in Jeruzalem onder hem leefde.
Het is Duitsland, dat hem aantrekt, omdat dit land nog voor de hogere wetten Gods moet ontwaken.
Duitsland staat voor het eigen oorzaak en gevolg.
Weer heeft het dood en verschrikking ontketend, maar het zal door de eigen wandaden worden vernietigd.
Duitsland is in opstand, het wil het hoofd niet buigen en het heeft daarom te leren.
Het drama van Jeruzalem, het oorzaak en gevolg van de mensheid en de Eeuw van Christus zijn één gebeuren!
Caiphas werd door de meesters wakker gemaakt om een ontzaglijke taak te vervullen en hij wilde dit gaarne.
Geen andere ziel kon God deze taak opleggen, dit zou in strijd zijn met Zijn wetten, met de ruimte, met alle levensgraden door Hem geschapen.
Alleen Caiphas kon de beul van de mensheid worden.
Hij had moeten weigeren, hij had moeten doen, wat hij in de aanvang deed, zijn volk dienen, alles voor het geluk van zijn onderdanen inzetten.
Dan zou zijn leven een zegen zijn geweest voor de ganse mensheid.
Hij had Christus moeten volgen en op Golgotha neerknielen.
Dan zou hij een voorbeeld zijn geweest van een geestelijk bewust heerser.
Maar dit alles was niet mogelijk, zijn innerlijk was niet vrij van besmetting.
In hem leefden haat en hartstocht en deze duistere eigenschappen zouden hem tot een beul maken, zoals de wereld nog nimmer heeft gezien.
Hitler en Caiphas, beiden schudden uw leven wakker en dwingen u uw leven in harmonie te brengen met de Goddelijke wetten.
En zo dienen beiden tóch de mensheid, de Eeuw van Christus en het Koninkrijk Gods op Aarde!
Zo zult ge – als ge dit aanvaarden kunt – bij al uw leed uitroepen: „Dank, o mijn God, dat ik te leren kreeg en mijn schulden mocht goedmaken door de beul van de mensheid!”
Christus zal dan uw leven zegenen en u het Koninkrijk Gods binnenvoeren!