Wil

opbouwen en samensmeden

Als we al onze gevoelskrachten tot één sterke wil willen samensmeden, zullen we een streep moeten zetten onder zwakke willetjes.
Gebaseerd op de boeken van Jozef Rulof.
‘... een man die met zijn boot op zee tegen de elementen vocht.’

De opbouw van onze wil

In het artikel ‘persoonlijkheid’ wordt beschreven dat we onze wil en persoonlijkheid kunnen zien als onze bewuste mogelijkheid om ons gevoel om te zetten in denken en handelingen.
Met onze wil kunnen we gevoel uit ons onderbewustzijn optrekken en dat richten op één punt.
De mate waarin we deze gevoelskrachten omhoog kunnen halen en geconcentreerd kunnen inzetten, bepaalt de sterkte van onze wil.
Jozef gaf in dit verband het voorbeeld van een man die met zijn boot op zee tegen de elementen vocht.
Door het harde gevecht tegen de krachten van de oceaan bouwde de man wilskracht op.
Later, als hij die wilskracht gaat inzetten om zichzelf tot geestelijk bewustzijn te brengen, dan kan hij dankbaar gebruik maken van de wil die hij in vorige tijden heeft opgebouwd.

Het vormen van één wil

Toch ervaren de meeste mensen dat hun wil niet zo sterk is als ze zelf zouden willen.
Vele mensen willen stoppen met een ongezonde gewoonte,
maar ervaren dan dat dit niet zo vanzelfsprekend is.
Zodra we onze wil op iets willen inzetten, kunnen we voelen welke tegenwerkende krachten in ons gevoelsleven dat specifieke doel nog niet willen, maar liever iets anders willen.
Net als de persoonlijkheid is de wil versnipperd door talrijke kleine willetjes, die elkaar kunnen tegenwerken.
Al de verschillende karaktertrekken of deelpersoonlijkheden van de mens, al de vorige levens die in zijn onderbewustzijn leven, kunnen de wil behoorlijk verbrokkelen.
Willen we echt vooruitgaan in ons leven, dan moeten we een streep zetten onder al die zwakke willetjes die een eigen leven willen leiden.
Daarvoor hebben we ons gevoelsleven in het gareel te brengen.
Wanneer onze wil voldoende krachtig en eenduidig is, zijn we ook beter bestand tegen de wil van een ander, als die op ons leven wordt ingesteld.
Zo geeft Jozef het voorbeeld dat hij de speelsheid van zijn jeugdige persoonlijkheid ‘Jeus’ onder controle moest zetten, om in de grote stad een stadse persoonlijkheid op te bouwen, waar de mensen niet om lachen.
Wanneer hij Jeus dialect zou laten praten, zou hij als taxichauffeur niet voor vol worden aangezien.
Hij heeft al zijn kleine willetjes uiteindelijk gebundeld tot één wil om zijn geestelijke ontwaking een krachtige stuwing te kunnen geven.
Jozef geeft aan dat hij hiervoor met moeheid niet te maken wilde hebben.
Hij stond voor de opdracht om elk gevoel in hemzelf licht te verschaffen, om elke gedachte tot de geestelijke verruiming te stuwen.
Hij heeft ervaren dat zijn wil bergen kan verzetten, maar wie van ons is reeds aan een dergelijke sterke wil begonnen?

Bronnen en verdieping